logo jongleren
Artikel

In gesprek met Melissa Holleman


“Ik zie ikc’s niet als gebouwen, maar als samenwerkingsrelaties tussen opvang en onderwijs, tussen organisaties en dus tussen de mensen die het doen.”

 

Melissa Holleman (Schiedam, 1981) is onder andere Hoofd pedagogiek en lid van het managementteam van kinderopvangorganisatie KomKids waarmee een aantal Primo-scholen samenwerkt. Sinds een jaar of twee is zij als kwartiermaker bezig met de ontwikkeling van integrale kindcentra.

door Herman Lamferkamp, directeur Montessori Schiedam

 

 




Heb je een levensmotto?
“Daar moet ik best even over nadenken. Ik heb eigenlijk niet één specifiek motto; mijn motto kan in verschillende situaties verschillend zijn.”

 

Wie is jouw held of zijn jouw helden?
“Dat zijn er meer, maar in eerste instantie denk ik aan Martine Delfos. In haar kijk op de ontwikkeling van kinderen vind ik veel overeenkomsten met die van mijzelf. Ik heb dan ook veel van haar geleerd en haar ook een keer mogen interviewen. Ze bleek er heel anders uit te zien dan ik mij had voorgesteld. Dan blijkt maar weer dat je niet af moet gaan op het beeld dat je je van iemand vormt, zonder dat je iemand werkelijk hebt ontmoet. Even terugkomend op de eerste vraag: Misschien is mijn motto wel: ‘Kijken naar wat je ziet en luisteren naar wat je hoort’. Open een eerste ontmoeting ingaan, dat vind ik erg belangrijk.
Behalve mensen als Martine Delfos zijn er ook pedagogisch medewerkers die ik kan bewonderen als ik zie hoe ze met kinderen aan het werk zijn. Dat geldt ook voor leerkrachten die ziel en zaligheid leggen in hun omgang met de kinderen. Ik ben een groot fan van Mees Kees.
Het is prettig om te zien hoe mensen vanuit hun betrokkenheid met kinderen aan het werk zijn. En mooi om te zien hoe kinderen hier van genieten en de vruchten van plukken.”


Ben je jaloers op hen? Of zit dat anders?
“Helden zijn voor mij de mensen die vanuit een soort onzichtbaarheid naar voren komen, omdat ze iets voor anderen willen betekenen en iets toevoegen. Ik heb ook bewondering voor mensen die werken in de zorg of die werken met ouderen, maar in mijn geval gaat het dan vaker om iets te willen betekenen voor kinderen of bijna-volwassenen.
Een mooi voorbeeld is ook ‘De Betrokken Spartaan’. Mensen van die stichting werken vanuit de sportvereniging Sparta. Zij maken het mogelijk dat kinderen sportief en maatschappelijk betrokken worden bij de club en de wijk. Dat is voor sommige kinderen niet vanzelfsprekend financieel haalbaar. Een mooie beweging dus. Mijn helden zijn eerder een inspiratiebronnen, dan dat ik hen op een voetstuk zie staan.”


Je werkt in de kinderopvang, waarom heb je voor deze branche gekozen?
“Na het mbo heb ik twee jaar pabo gedaan, maar dat niet meteen afgemaakt. De kinderopvang zat letterlijk bij mij om de hoek en omdat ik het werken met kinderen leuk vond, ben ik gestart als leidster. In eerste instantie niet met een eigen vaste groep, dat is pas later gekomen. Ik had wel als bedoeling die pabo-opleiding mettertijd af te gaan ronden, maar dat is er niet meer van gekomen, omdat ik in de kinderopvang en bij KomKids op mijn plek zat en zit; zeker ook als Hoofd pedagogiek. Ik heb toen wel een hbo-opleiding in die richting (Pedagogiek vanuit een ecologische visie) gedaan en ook afgerond.”


En zo’n 15 jaar aan de slag bij KomKids…. een grote organisatie en in een leiding gevende positie…
“Ook wel, ja.”


Ik merk dat je wat aarzelt als ik je vraag naar dat aspect van leidinggeven in je werk. Hoe komt dat, kijk je daar anders tegenaan?
“Ik vind leiding zo’n groot woord. Natuurlijk ben ik formeel leidinggevende, maar ik zie dat aspect van mijn werk toch meer als een manier van samenwerken en niet als iets dat van bovenaf komt. Uiteindelijk hak ik knopen door, dat klopt.”


Gaat het dan over macht?
“Uiteindelijk gaat het over de rollen die je met elkaar hebt. Ik ben in mijn rol en deskundigheid degene die mensen binnen mijn afdeling en de Advieswinkel in de Passage ondersteunt en stuurt.”

 

Uit het onderwijsveld hoor ik nogal eens kritiek op integrale kindcentra. Als kind word je toch zo’n beetje gevangen gehouden in een gebouw tussen tweeënhalf en twaalf jaar oud en dan van 7 tot 7. Zijn ikc’s nou wel een goed plan?
“Ik zie ikc’s niet als gebouwen, maar als samenwerkingsrelaties tussen opvang en onderwijs, tussen organisaties en dus tussen de mensen die het doen. Er zijn allerlei mooie vormen van opvang, bijvoorbeeld het naschoolse aanbod in thema-bso’s. Kinderen zijn dan niet steeds in een gebouw, maar maken ook gebruik van andere plekken, zoals het zwembad, het voetbalveld of het NME-centrum.”


Gaat het in de kern om kinderen of om hun ouders?
“Kinderopvang is meer dan opvang alleen. Wij willen de ontwikkeling van kinderen stimuleren, educatief ook meer de diepte in. Samen met de ouders van de kinderen natuurlijk. Het is niet voor niets dat ik vanuit de afdeling Pedagogiek binnen KomKids leiding geef aan de vijf medewerkers speciaal op dat gebied. Zo’n grote afdeling Pedagogiek is uniek binnen de kinderopvang. We vinden het belangrijk dat kinderen zich fijn voelen bij ons en dat ze de uitdaging krijgen die ze nodig hebben.”


Ik zag laatst een oude aflevering van Tegenlicht (VPRO) uit 2013 waarin het onder andere ging over een door ouders zelf georganiseerde kinderopvang in Utrecht. Zij werken met elkaar samen op basis van wederzijds vertrouwen: Een paar ouders vangen de ene dag de kinderen op in het centrum en de volgende dag zijn er weer een paar andere ouder die dat doet, enz. Wat vind je daarvan?
“Daar vind ik niets van. Ouders die dat graag zo willen regelen, kunnen dat wat mij betreft zo doen. Ik vraag me wel af hoe dat met de wet- en regelgeving zit.
Volgens mij moet je ook wel een professional hebben die vanuit kennis over de ontwikkeling van kinderen die diepgang meer kan aanbrengen. Als je dan met ouders en pedagogisch medewerkers met elkaar optrekt heb je een dekkende begeleiding voor het kind. De medewerker vanuit haar of zijn vak; de ouder als de expert op het gebied van zijn eigen kind. Met enkel ouders die elkaars kinderen opvangen gaat het enkel om opvang zonder verdere meerwaarde.”


KomKids werkt met een aantal Primo Schiedam-scholen en jij bent in de afgelopen jaren onze stichting en de scholen beter gaan leren kennen. Hoe kijk jij aan tegen Primo Schiedam als organisatie?
“Ik heb Primo Schiedam in de afgelopen twee jaar leren kennen als een heel toegankelijke organisatie waarin mensen investeren in elkaar. Ik merk dat er een grote mate van openheid is en dat het mogelijk is om aan een gezamenlijke visie te bouwen.
Ook zie ik dat elke school zo zijn eigen karakteristieken heeft. Die verschillen zijn groter dan de verschillen tussen de locaties van KomKids. KomKids werkt meer vanuit centrale waarden. Ik ben nu bezig met het herschrijven van onze pedagogische visie en beleid. Als dat straks klaar is, is het wel de bedoeling dat vanuit die visie en dat beleid in de hele organisatie wordt gewerkt. Er zullen bij Primo Schiedam ook vast gezamenlijke beleidsuitspraken zijn, maar ik zie wel de verschillen tussen scholen.”


Er ligt een duidelijke uitspraak die aangeeft dat een ikc wordt geleid vanuit de school. Dat moet voor locatiemanagers en voor jou wel lastig zijn…
“Die uitspraak is door de gemeente gedaan en ook landelijk is dat wel de grote lijn. In het begin was ik er wel bang voor dat schooldirecteuren zouden gaan zeggen wat er wel en niet in de kinderopvang zou moeten gaan gebeuren. Gelukkig is dat niet zo en heb ik het gevoel dat we echt met elkaar aan het optrekken zijn. Op de ene plek gaat dat wat sneller, op de andere wat langzamer. Dat verschil merk je wel, maar er is geen merkbaar verschil in gelijkwaardigheid.”


Hoe komt dat?
“Elkaar goed leren kennen helpt wel in je gelijkwaardig te voelen. Wij hebben daar aandacht aan gegeven. Ik vind dat je als locatiemanager ook moet aansturen op samenwerking. Dus ook al heb je al eens ergens een mailtje over gestuurd en is daar geen actie uit voort gekomen, dan kun je best nog eens mailen of bellen. Ik ben daarin dan ook sturend en ondersteunend naar de locatiemanagers als ik vind dat de situatie dat nodig heeft.”


En onderwijsmensen snappen er niets van dat het er in de kinderopvang toch vooral om gaat dat er omzet gedraaid wordt, toch?
“Onze situaties zijn zeker anders. Zelf zit ik vanuit de pedagogische hoek in het managementteam van KomKids. Het gegeven dat pedagogiek een vast onderdeel is in onze organisatie, is best wel bijzonder. Veel kinderopvangorganisaties hebben dat nog helemaal niet en toen wij dat anderhalf jaar geleden realiseerden ging het cijfermatig in de kinderopvang landelijk nog niet zo heel goed. Toch hebben wij die keuze bewust gemaakt. Juist ook vanuit de gedachte dat je meer wilt zijn dan een opvangplaats.”


Samen op trekken zonder dat iemand de baas speelt, gaat wat opleveren volgens jou?
“Dat denk ik wel. Mijn grootste zorg blijft dat de ontwikkeling van het jonge kind vanaf 0 jaar niet serieus genoeg genomen wordt of niet goed genoeg gezien wordt. Ik zal niet teveel uitwijden over een van mijn stokpaardjes, maar een goede hersenontwikkeling, juist ook op heel jonge leeftijd, komt tot stand in de vroegste periode. Door in ikc-vorming het grootste belang te hechten aan de ontwikkeling vanaf tweeënhalf jaar begin je te laat. En ook is er dan de verleiding de nadruk op onderwijs te leggen. Ik was in Zweden op werkbezoek en daar snappen ze het belang van ‘leisure time’ veel beter. De leerkracht werkt er met een pedagogisch medewerker en assistent en samen draaien ze de groep. De leerkracht is er meer voor het echte onderwijs, de pedagogisch medewerker ondersteunt kinderen die het nodig hebben en vult de vrije momenten op de dag in. Vrijwel alle kinderen blijven er ook tot aan het einde van de dag.”


Wat zal ikc-vorming voorlopig in de weg blijven zitten?
“De wet- en regelgeving en de verschillende cao’s blijven knelpunten. Mooi zou het zijn als pedagogisch medewerkers ook in het onderwijs zouden kunnen werken met de kinderen die zij uit de opvang kennen… en met de andere kinderen ook.”


Wanneer is jouw missie geslaagd?
“Als het gaat om het werken bij KomKids ben ik voorlopig nog niet weg, ik heb nog ruim voldoende uitdaging. Er dient zich altijd weer een nieuw project aan.
Als het gaat om het vormen van ikc’s dan zie ik het als een mijlpaal als we het voor elkaar krijgen eind 2018 één ikc in basis neergezet te hebben waar we samen trots op kunnen zijn. Vanuit die basis en in een goede samenwerking kunnen KomKids en Primo Schiedam dan verder bouwen.”



Datum: 24 januari 2018